Pieken en dalen (door Wim van de Vrugt)

De grootste nachtmerrie van een organisator/programmeur is dat het publiek het laat afweten. Voor elk concert is er die spanning. En als er een kwartier voor aanvang nog maar een enkel kaartje is verkocht, dan voel je je wel heel treurig en vind je het gênant voor de muzikanten. We proberen dan wat optimistisch aan de muzikanten voor te stellen: “Wat later te beginnen, er komen altijd mensen later”.

Maar als tenslotte de opkomst echt laag blijft en wij daar onze spijt en schaamte tegen de muzikanten over uiten, blijken zij er minder mee te zitten dan wij: “Maakt niet uit hoor, we gaan gewoon lekker spelen”.

En ik vind het telkens weer bewonderenswaardig dat muzikanten met groot enthousiasme voor “anderhalve man en een paardenkop” toch de sterren van de hemel spelen, alsof ze voor een zaal van 1000 man staan!

In de SJIG-jaarverslagen van 1976-1994 ontbreken helaas de bezoekersaantallen. Maar ik heb een overzichtje gemaakt van de pieken en dalen vanaf 1995:

 

 

 

 

 

 

Een groot dieptepunt qua bezoek was het concert in de Spieghel op 8 oktober 2010 van Dick de Graaf, toch een van de beste saxofonisten van Nederland, met slechts 8 bezoekers. Schandalig.

Ik was er niet bij, maar het is vast een mooi concert geweest, maar voor de Jazz was de belangstelling natuurlijk een blamage. Dat geldt voor alle concerten met, laten we zeggen, minder dan 20 bezoekers in een stad als Groningen. Zeker als je bedenkt dat het meestal geeneens allemaal betálende bezoekers zijn.

Ik was wel bij het concert van Joris Posthumus Group en Tokyo’s Bad Boys op 9 april 2017 in Brouwerij Martinus. Het was op een zondagmiddag. En laat dat nou net de eerste zomerse dag van het jaar zijn en nog bloedheet ook. Mensen zochten massaal verkoeling bij de Hoornse Plas. Bovendien speelde de FC ook nog thuis. Er waren slechts 15 bezoekers (inclusief gasten!). En dat voor een top act!

Ik schaamde me diep; zó weinig mensen, en om de boel wat op te vrolijken vroeg ik na m’n bandintroductie aan de band: “Zal ik het publiek ook maar aan júllie voorstellen?” 

Joris sprong er direct op in en schudde de hand van een bezoeker op de eerste rij.

En vervolgens speelde de band de hele zaal (!) plat. Het was dan wel qua bezoekersaantallen een aanfluiting, muzikaal was het een bijna legendarisch concert, een van mijn mooiste herinneringen. Het was ook goed om te zien dat de muzikanten eveneens volop hadden genoten.

Heel fijn is het als de zaal lekker vol is. Al is het concert dan misschien geen uitschieter, de sfeer zorgt dat je toch na afloop met een voldaan gevoel het etablissement verlaat.

Het overzichtje van de concerten op ons ‘eigen’ podium met meer dan 100 bezoekers wordt aangevoerd door de Jungle Warriors met als gasten Odean Pope en David Murray.

Het concert vond plaats op 31 oktober 1996 in de Spieghel. En hoewel ik dacht dat er maximaal 150 bezoekers in de Spieghelzaal konden, vermeldt het jaarverslag een opkomst van maar liefst 180. De zaal moet hebben uitgepuild! Jammer genoeg was ik er niet bij.

Het overzicht overziend valt het me wel op dat het, wat mij betreft, voor de kwaliteit van de muziek niet uitmaakt of er veel of weinig bezoekers zijn. Zowel in de pieken als in de dalen waren fantastisch goede concerten te bewonderen.

Helaas blijft het onmogelijk om bezoekersaantallen te voorspellen. Slechts in weinig gevallen is achteraf de reden van een lage opkomst aan te wijzen, zoals bijvoorbeeld in het geval van Joris Posthumus. Maar meestal blijft het een mysterie.

We zullen met pieken & dalen moeten leren leven.

De Stichting Jazz in Groningen wordt ondersteund door: